Ademsteun, Ademstroom & Ademdruk – deel 1

De juiste balans vinden

Het blijft altijd een mooi onderwerp om over te spreken: de ademsteun. Alberto ter Doest legt in de cursus altijd uit dat de term ademsteun staat voor twee adem onderdelen, namelijk ademstroom en ademdruk. De juiste balans tussen de hoeveelheid ademdruk en de hoeveelheid ademstroom voor een bepaalde klankkwaliteit zal dan de juiste ademsteun moeten geven. Meer ademsteun of betere ademsteun zegt niets als je niet aangeeft welke onderdeel dan meer of minder moet zijn. Aangezien adem een dynamisch proces is en reageert op de klankkwaliteit die je wilt laten horen, moet je dus ofwel ademstroom of ademdruk aanpassen. Elke kwaliteit die we gebruiken heeft een bepaalde ademdruk nodig en een bepaalde ademstroom. In de 4 basiskwaliteiten (Belting, Speech, Cry en Falset) heeft elk van deze kwaliteiten een eigen ademdruk en ademstroom.

Luidere kwaliteiten

Wat betreft de dynamiek kun je zeggen dat de ademdruk toeneemt bij luidere kwaliteiten, verklaard door de massa die toeneemt in de stemplooien. Voor ademstroom gaat dat iets anders. Zowel bij Belting als bij Falset is er meer ademstroom dan in Speech en Cry. Bij Speech en Cry zijn de ademstroom vrijwel gelijk. Als de luidsterkte toeneemt, neemt de ademstroom ook toe in alle kwaliteiten.

Je ademdruk beïnvloedt de toon

Wanneer we foneren moet de ademdruk bij constant volume en hoogte een bepaalde constante ademdruk blijven houden en een constante luchtstroom hebben. Wordt de ademdruk groter, dan wordt de toon luider. Omgekeerd: minder ademdruk geeft een zachtere toon. Bij meer ademstroom kan de toon geaspireerder en iets zachter worden of juist luider, waarbij we dan niet overgaan in een andere kwaliteit.

Bij minder ademstroom wordt een geaspireerde klank helderder en steviger en een luide klank wordt met minder ademstroom iets zachter, opnieuw binnen dezelfde klankkwaliteit. Deze ademstroom en ademdruk verhouding is dus ademsteun. Daarmee is dus niet gezegd bij meer ademsteun, dat je meer ademdruk nodig hebt of minder. Als de toon niet luid genoeg is: dan meer adem-druk, is de toon geknepen: minder ademdruk. Is de toon niet helder: minder ademstroom. Bij lage tonen heb je grotere ademdruk en weinig ademstroom. Bij hoge tonen een lage ademdruk en meer ademstroom.

Een gezonde ademsteun

De juiste ademsteun bij een bepaalde kwaliteit ligt dus aan de luidheid en de helderheid van de klank. Wil je dit thuis ervaren dan kun je een flexibele slang nemen (zoals bij de Vox Lax Methode) en die in een fles met water steken. Zing in de 4 basiskwaliteiten en luister naar de bubbels in de fles, hoe meer bubbels hoe meer ademstroom. Ademdruk is het beste te voelen bij de aanzet van de klank, glottaal bij Speech en Belt, Simultaan bij Cry en Geaspireerd geleidelijk bij Falset.

Wanneer u zich aan de bovenstaande principes houdt en de regulering tussen ademstroom en ademdruk aanpast aan de kwaliteit die u wilt, dan kunt u dus spreken van een gezonde goede ademsteun.

Ademsteun, Ademstroom & Ademdruk – deel 2

{"cart_token":"","hash":"","cart_data":""}